Zelfvertrouwen meisjes met astma of eczeem lager

Nederland, Doorn, 7 maart 2016. 'Ontdekkingsreis', school staat op instortenMeisjes in de basisschoolleeftijd met astma of eczeem hebben gemiddeld minder zelfvertrouwen dan meisjes zonder deze aandoeningen. Bij jongens is er gemiddeld genomen geen effect op het zelfvertrouwen. Zowel jongens als meisjes met astma of eczeem ervaren wel fysieke beperkingen. Dit blijkt uit een gezamenlijk onderzoek van het CBS en het Erasmus MC met gegevens van 5,3 duizend kinderen uit de Gezondheidsenquête van het CBS tussen 2010 en 2013. Hierin beantwoorden ouders vragen over de gezondheid en het welbevinden van hun kinderen.

Astma en eczeem zijn chronische aandoeningen die relatief vaak voorkomen bij kinderen. Van de 4- tot 12-jarigen had in 2016 volgens de ouders of verzorgers 4 procent astma en 6 procent chronisch eczeem. Astma komt vaker voor bij jongens (5 procent) dan bij meisjes (3 procent), eczeem komt even vaak voor.

Kinderen met astma en kinderen met eczeem hebben gemiddeld genomen een lagere fysieke kwaliteit van leven dan kinderen zonder chronische aandoening. Ouders van deze kinderen geven aan dat hun kind belemmerd wordt in fysieke activiteiten op school of bij het spelen met vriendjes. Ze hebben ook vaker pijn. Ook bestempelen zij de gezondheid van hun kind als minder goed. De verschillen in kwaliteit van leven tussen kinderen met en zonder aandoeningen liggen niet aan verschillen in demografische of sociaaleconomische verschillen tussen de kinderen.

Psychosociale gevolgen van astma of eczeem
Vooral meisjes met astma of eczeem hebben, naast de fysieke gevolgen, ook op andere vlakken last van hun aandoening. Meisjes met eczeem hebben gemiddeld een lagere psychosociale kwaliteit van leven. Zo hebben zij volgens hun ouders minder vertrouwen in hun eigen kunnen en uiterlijk, en laten vaker lastig gedrag zien. Meisjes met astma hebben ook een lager zelfvertrouwen, en zijn vaker angstig of somber dan degenen zonder chronische aandoeningen, aldus de ouders. Jongens met astma of eczeem scoren niet slechter op de psychosociale kwaliteit van leven

Ook gevolgen voor ouders
Niet alleen de kinderen zelf, ook hun ouders of andere gezinsleden ondervinden gevolgen van de aandoening die hun kind heeft. Ouders van kinderen met astma of eczeem zijn vaker bezorgd om de gezondheid van hun kinderen dan ouders van kinderen zonder aandoeningen. Ouders van meisjes met eczeem geven aan dat de gezondheid van hun kind nogal eens familieactiviteiten beperkt of voor spanningen in het gezin zorgt.

Meer aandoeningen, minder kwaliteit van leven
In het onderzoek zijn alleen kinderen meegenomen met astma óf eczeem. Deze aandoeningen komen ook regelmatig samen voor. Van de kinderen met astma in deze studie had 19 procent ook eczeem, van de kinderen met eczeem had 20 procent ook astma. Kinderen met astma én eczeem hebben een lagere fysieke en psychosociale kwaliteit van leven dan kinderen met een van deze beide aandoeningen. Ook uit een vorig onderzoek bleek dat de kwaliteit van leven lager is als het kind meer aandoeningen heeft.

Meer snurkers door hitte

Uannimatie-snurken-zonder-snorexit intern onderzoek van de Kliniek voor Snurken en Apneu blijkt tijdens deze zeer warme dagen veel meer vraag te zijn naar het oplossen van het snurkprobleem dan tijdens de rest van het jaar.

De snurkkliniek verwacht dat dit komt doordat mensen sowieso slechter slapen door de hitte in de slaapkamer.
Mensen blijven langer wakker en drinken wat meer alcohol of gebruiken slaapmedicatie zodat men denkt makkelijker en beter te kunnen slapen.
Echter, later slapen maakt je meer vermoeid, waardoor je eerder gaat snurken, daarbij, alcohol en slaapmedicatie werken spierverslappend, hierdoor ga je nog sneller snurken.
De niet snurker slaapt al wat lichter en slechter omdat het warm is en gaat zich nog sneller storen aan het snurkgedrag van zijn of haar partner.

Snurken is een groot maatschappelijk probleem. Nederland telt zo’n 4 miljoen chronisch snurkers. 60% van deze snurkers is man, 40% vrouw. Tijdens het warme weer wordt verwacht dat er een miljoen snurkers meer zijn dan normaal.

Snurken wordt veroorzaakt door de tong. Tijdens het slapen verslappen de spieren, daarmee verslapt ook de tongspier en zakt richting de luchtweg. Hierdoor komen er trillingen vrij welke het snurkgeluid zijn.

Woordvoerder Olivier Tielemans:
‘’ Intern onderzoek in 2015 van onze kliniek heeft uitgewezen dat snurken tijdens de zonnige vakantieperiode een groot probleem is. Wij wisten dan ook al dat warmte invloed kan hebben op het snurkgedrag. Echter, nu het zo heet is in eigen land, speelt dit probleem zich niet enkel meer af in warme vakantieoorden.’’

Schippers: Eenduidige codering medische hulpmiddelen

Verschillende partijen in de zorg hebben afspraken gemaakt over eenduidige codering van medische hulpmiddelen. Deze codering maakt elektronisch scannen mogelijk zodat altijd duidelijk is bij welke patiënt welk medisch hulpmiddel is gebruikt. Dat is belangrijk omdat daarmee de patiëntveiligheid verbetert. De afspraken zijn tot stand gekomen op verzoek en onder regie van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

Minister Schippers: “Ik ben blij dat het partijen gelukt is goede afspraken te maken. Dat is goed voor de patiënt en veiligheid in de zorg in Nederland”. Nu komt het nog voor dat er geen gestandaardiseerde code, of helemaal geen code op een medisch hulpmiddel staat, daardoor kan er niet goed gescand worden. De nieuwe afspraken sluiten goed aan op de registratie in het Landelijk Implantaten Register en lopen vooruit op de nieuwe Europese regels voor medische hulpmiddelen.

Hele keten

De afspraken zijn ondertekend door verschillende partijen in de zorg: Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ), Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra (Nfu), Zelfstandige klinieken Nederland (ZKN), Federatie van Technologiebranches (FHI), Ondernemersorganisatie voor de technologische industrie (FME) en de belangenorganisatie van producenten, importeurs en handelaren van medische hulpmiddelen, Nefemed. Daarmee is de hele keten betrokken van productie tot gebruik bij de patiënt.

De invoering van de eenduidige codering gebeurt gefaseerd, uitgangspunt is de lijst van implantaten die ook gehanteerd wordt voor het Landelijk Implantaten Register. De ingangsdatum is 1 juli 2018, vanaf september 2018 wordt de lijst verder uitgebreid. Het afsprakendocument met voorbeelden uit de praktijk wordt gepubliceerd op www.vmszorg.nl