Uurtje sportschool verlaagt kans op metabool syndroom

Afbeeldingsresultaat voor krachttrainingMinder dan een uur krachttraining per week verlaagt de kans op metabool syndroom, een verzamelnaam voor symptomen als overgewicht, hoge bloeddruk en verhoogde bloedsuiker. Dit blijkt uit onderzoek bij meer dan 7.000 Amerikaanse proefpersonen. De gunstige effecten zijn onafhankelijk van andere sportactiviteiten, zoals hardlopen of fietsen. Een internationaal team van onderzoekers onder leiding van Esmée Bakker van het Radboudumc publiceren deze conclusies op 12 juni op de website van Mayo Clinic Proceedings.

Een beperkte hoeveelheid beweging is gunstig voor de gezondheid. Zo verlaagt een kwartier matig intensief bewegen per dag al de kans om vroegtijdig te overlijden aan hart- en vaatziekten. Onderzoek naar de gezondheidseffecten van beweging gaat doorgaans uit van duurtraining, zoals hardlopen en fietsen. Van krachttraining was al wel bekend dat het het riscio op bijvoorbeeld diabetes type 2 kan verlagen. Maar over de effecten daarvan op het ontwikkelen van metabool syndroom was nog niets bekend.

Metabool syndroom
Onderzoekers van het Radboudumc keken nu samen met Engelse, Spaanse en Amerikaanse collega’s naar de effecten van krachttraining bij 7.418 mannen en vrouwen van middelbare leeftijd die zich van 1987 tot 2006 preventief lieten onderzoek in een ziekenhuis in de Verenigde Staten. Bij de start van het onderzoek waren alle proefpersonen gezond. De onderzoekers keken naar het ontstaan van het metabool syndroom. De symptomen als overgewicht, hoge bloedruk en verhoogde bloedsuiker zijn een belangrijke veroorzaker van onder andere hart- en vaatziekten en diabetes type 2.

Uurtje sportschool
Gedurende het onderzoek ontwikkelde 15 procent van de groep metabool syndroom. Mensen die voldoen aan de richtlijnen voor krachttraining (twee of meer sessie per week), hadden gemiddeld 17 procent minder kans op het krijgen van metabool syndroom. Een tot zestig minuten krachttraining per week gaf zelfs al 29 procent minder kans. De invloed van ander goed gedrag, zoals niet roken en regelmatige duurtraining, telde niet mee in deze berekeningen. Intensiever sporten gaf geen extra voordeel. Ook maakt het weinig verschil of mensen de krachttraining alleen in het weekend deden, of uitsmeerden over de gehele week.

Doktersadviezen
Esmée Bakker, eerste auteur van het onderzoek: “Het effect van krachttraining is nog weinig onderzocht. En nog niet eerder op het gebied van metabool syndroom. Een kleine hoeveelheid krachttraining, bijvoorbeeld twee keer een half uurtje in het weekend, heeft het meest gunstige effect. Dit advies zou wat mij betreft standaard tot de doktersadviezen mogen behoren om metabool syndroom te voorkomen.”

Afspraken voor betere hulpmiddelenzorg

Elke patiënt moet het hulpmiddel krijgen dat het beste past bij zijn of haar persoonlijke situatie. Dus vraaggericht waarbij kwaliteit en maatwerk voorop staan; “eenvoudig waar het kan, specifiek waar het nodig is”. Dat is de uitkomst van het bestuurlijk overleg hulpmiddelen tussen patiënten, zorgverleners, apothekers, medisch speciaalzaken, zorgverzekeraars, overheid en fabrikanten. Aanleiding voor het overleg waren signalen dat er te weinig sprake was van maatwerk en teveel eenheidsworst bij het verstrekken van hulpmiddelen. Dit speelde voornamelijk met betrekking tot diabetes-, continentie- en stomahulpmiddelen.

Goede zorg

Er ligt nu een Generiek Kwaliteitskader Hulpmiddelenzorg met een beschrijving van goede hulpmiddelenzorg met drie aparte modules voor stoma-, continentie- en diabeteshulpmiddelen. Hierdoor wordt voor iedereen inzichtelijk wat goede hulpmiddelenzorg is. Kern hierbij is dat het hulpmiddel moet passen bij de behoeften van de patiënt. Naast de fysieke beperking moet ook rekening gehouden worden met iemands dagelijks leven, zoals werk, sport en andere activiteiten. Zo zal iemand met twee kinderen en een lichamelijk zware baan andere eisen en wensen hebben dan iemand die minder actief is. Minister Schippers: “het functioneren van de patiënt staat nu centraal en dat is ook ieders uitgangspunt. Patiënten moeten een passend hulpmiddel krijgen met voldoende keuzemogelijkheden”.

Verdere uitwerking

De modules en het Generiek Kwaliteitskader Hulpmiddelenzorg worden aangeboden voor opname in het Register van Zorginstituut Nederland. Dit openbare register geeft aan wat zorgaanbieders, cliënten en zorgverzekeraars hebben afgesproken over wat goede en verantwoorde zorg is. Zorgverzekeraars zullen daar bij de inkoop gebruik van maken en patiënten kunnen hun zorgverzekeraar hierop ook aanspreken.

Schippers: neutrale niet-reanimerenpenning nu voor iedereen beschikbaar

De neutrale niet-reanimerenpenning is een feit. Minister Edith Schippers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, opent vandaag het symposium waar de NVVE (Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde) de uitgifte van de niet-reanimerenpenning overdraagt aan de Nederlandse Patiëntenfederatie. Iedereen die dat wil kan de penning nu kopen, daarmee wordt de penning losgekoppeld van een lidmaatschap van de NVVE.

Betekenis niet-reanimerenpenning

De penning is een draagbare wilsverklaring. Door de penning te dragen geven mensen aan dat zij, bijvoorbeeld bij een hartstilstand, niet geholpen willen worden. Artsen en professionele zorgverleners mogen niet reanimeren als zij de penning aantreffen. Minister Schippers: “Dat de NVVE hun geesteskind overdraagt en daarmee breed beschikbaar stelt, verdient een groot compliment”.

Behandelverbod

Het dragen van de penning is een persoonlijke keuze. Het gaat om een behandelverbod voor artsen en professionele zorgverleners en kan dus gevolgen hebben. De penning kan alleen door de drager zelf worden besteld via: https://www.patientenfederatie.nl/producten/niet-reanimerenpenning/de-niet-reanimerenpenning. Op deze site staat ook informatie over de penning zodat mensen een goede afweging kunnen maken. Momenteel worden jaarlijks ongeveer 4.500 penningen verstrekt.