Het digitaal expertisecentrum Prader-Willi syndroom Huis van begrip

Het Prader-Willi syndroom (PWS) is een zeldzame aangeboren aandoening met een genetische oorzaak. Het syndroom wordt door een groot aantal uiteenlopende symptomen gekenmerkt, zowel uiterlijk als lichamelijk en gedragsmatig. PWS is daarom moeilijk te begrijpen. Zonder een grondige kennis van en ervaring met PWS is het moeilijk om iemand met PWS goed te begeleiden, of het nu in de thuissituatie is of bij de dokter of op school of dagbesteding. Begrip van PWS en begrip voor de persoon met PWS is essentieel.

In het Huis van begrip is alle informatie gebundeld die van belang is voor mensen met PWS, hun ouders en verzorgers, hun behandelaars en begeleiders. Het motto daarbij is: relevant, zo volledig mogelijk, betrouwbaar en actueel.
Het Huis van begrip is een kenniscentrum dat naast alle relevante medische, paramedische en gedragswetenschappelijke informatie ook de weg wijst naar praktische zaken zoals onderwijs, werk en inkomen, persoonsgebonden budget, wonen enzovoort.
Daarnaast is het een portaal waar in een beveiligde omgeving direct betrokkenen (Huisgenoten) elkaar ontmoeten en hun ervaringen delen. Uit die gedeelde ervaringen ontstaan inzichten die uiteindelijk weer leiden naar nieuwe kennis. Deze community staat niet alleen open voor mensen met PWS, hun ouders/verzorgers en familieleden, maar ook voor mensen die beroepshalve met PWS te maken hebben.

Het Digitaal Expertisecentrum Prader-Willi syndroom is tot stand gekomen door samenwerking tussen:
– Erasmus Universitair Medisch Centrum in Rotterdam (Erasmus MC)
– Prader-Willi Fonds (PWF)
– Radboud Universitair Medisch Centrum in Nijmegen (Radboudumc)
– Stichting Kind en Groei (Kind en Groei)
– Stichting Patiëntenorganisatie Prader-Willi syndroom Nederland (Prader-Willi Stichting)

Erasmus MC, Kind en Groei en Radboudumc hebben de medische en paramedische informatie in het expertisecentrum aangeleverd. De niet-medische zaken zijn samengesteld door alle vijf betrokken partijen. Het ervaringsportaal is een gezamenlijke activiteit van de totale Prader-Willi gemeenschap.

In mei 2015 heeft de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport de universitaire medische centra Erasmus MC en Radboudumc, samen met Kind en Groei, voor vijf jaar aangewezen als PWS Expertisecentrum. Deze centra hebben in nauw overleg met de Prader-Willi Stichting en PWF besloten samen als expertisecentrum op te trekken.
De belangrijkste taken voor een expertisecentrum voor zeldzame aandoeningen zijn:
– Patiëntenzorg: diagnostiek, behandeling en nazorg
– Wetenschappelijk onderzoek
– Het ontwikkelen van richtlijnen en zorgstandaarden (inclusief patiëntenversies hiervan)
– Voorlichting
– Deskundigheidsbevordering.

Naast het digitale expertisecentrum geven Erasmus MC en Radboudumc, samen met Kind en Groei, invulling aan een fysiek expertisecentrum, van waaruit de behandeling van mensen met PWS wordt gecoördineerd. Dit fysieke centrum fungeert tevens als vraagbaak voor professionals van buiten deze centra.

Met het digitaal expertisecentrum geven de initiatiefnemers op hun eigen unieke wijze uitwerking aan het Nationaal Plan Zeldzame Ziekten dat in november 2013 door minister Schippers aan de Tweede Kamer is aangeboden.

Het digitaal expertisecentrum ontvangt geen financiële steun van de overheid of van zorgverzekeraars. De bouw is mogelijk gemaakt door giften en locale acties van direct bij PWS betrokkenen. De werkzaamheden zijn gecoördineerd door het Prader-Willi Fonds. Over de definitieve organisatorische inbedding zullen de komende tijd nadere afspraken worden gemaakt.

Vermoeidheid chronische ziekten heeft grote impact

Chronisch zieken blijken gemeenschappelijk klachten te hebben. Eén daarvan is vermoeidheid. De impact van vermoeidheid op het dagelijkse leven is groot. Patiënten worden beperkt in hun bezigheden en zijn soms niet meer in staat om te werken. Omdat bijkomende klachten aan de buitenkant vaak niet zichtbaar zijn, is er weinig begrip en aandacht voor. Het KNAW zet het nu, samen met het veld van longonderzoekers, op de kaart met het symposium ‘Vermoeidheid bij chronische ziekten’.

‘Bij chronische longziekten zien we dat vermoeidheid een forse belasting betekent voor de patiënt, vaak meer dan artsen en onderzoekers zich realiseren. We weten dat er op dit vlak parallellen zijn te trekken met andere chronische ziekten. Daarom is het een goed initiatief van de KNAW om internationale experts op dit symposium bij elkaar te brengen en kennis uit te wisselen’, aldus Dirkje Postma, emeritus hoogleraar pathofysiologie van de ademhaling. ‘Tot op heden is er naar de onderliggende oorzaken van moeheid bij chronische ziekten weinig wetenschappelijk onderzoek gedaan. De focus lag altijd op de ziekte. Gelukkig komt daar verandering in. Patiënten met een longziekte hebben aandacht gevraagd voor onderzoek naar vermoeidheid en zo is het een van de speerpunten van onderzoek geworden in het Nationaal Programma Longonderzoek.’

Nationaal Programma Longonderzoek ‘Een Leven Lang Longen’
Het volledige longveld in Nederland, wetenschappers, zorgverleners en patiënten, heeft de handen ineengeslagen met een nieuw initiatief het Nationaal Programma Longonderzoek. Samen maken zij zich sterk voor de patiënt met een longziekte en strijden voor ‘Een Leven Lang Longen’. Met gericht longonderzoek willen zij voorkomen dat een stijgend aantal mensen een longziekte krijgt. Daarom hebben zij voor de komende jaren vijf speerpunten benoemd waarop gefocust wordt bij het longonderzoek. Het Longfonds ondersteunt de komende jaren een van de speerpunten: ‘Vermoeidheid’. De wetenschapper Martijn Spruit, verbonden aan Ciro, gaat met die steun onderzoek doen naar vermoeidheid bij COPD-patiënten.

KNAW symposium
Op 29 november a.s. organiseert de KNAW daarom het symposium: ‘Vermoeidheid bij chronische ziekten’. Het doel is om kennis te delen vanuit verschillende chronische ziekten en hierdoor een belangrijke stap te zetten richting preventie en behandeling van vermoeidheid bij patiënten met een chronische ziekte.

Wie is de grootste snurker van Nederland 2016?

bannerAl 8 jaar gaat de snurkkliniek van Nederland opzoek naar de grootste snurker. Vooral om het snurkprobleem meer onder de aandacht te brengen en uit de taboesfeer te halen. De zoektocht naar de grootste snurker is enerzijds ludiek, anderzijds is snurken een omvangrijk maatschappelijk probleem en rust er nog steeds een groot taboe op dit probleem.

Nederland telt zo’n 4 miljoen chronisch snurkers. Tevens is uit wetenschappelijk onderzoek gebleken dat 60% van alle snurkers man is en 40% vrouw. De Kliniek voor Snurken en Apneu gaat ieder jaar opzoek naar de luidste snurker om de snurkproblematiek onder de aandacht te brengen en bespreekbaar te maken bij zowel snurker als eventuele (bed) partner.

De Kliniek voor Snurken en Apneu roept snurkers of partners van snurkers op hun snurkgeluid (MP3) of filmpje op te sturen naar: info@snurken.org. De ”winnaar” van de snurkwedstrijd krijgt een speciaal op maat gemaakte snurkbeugel om het onaangenaam snurkprobleem op te lossen.

De grootste snurker van 2015 was een vrouw, met een gemeten ”snurkpiek” van maar liefst 80dB. De recordhouder is een man, met een gemeten snurkpiek van 90dB in 2009. Ter vergelijking, een drilboor op 1 meter afstand produceert 100dB.
In de afgelopen 8 jaar is de ”snurkwedstijd” 2 maal gewonnen door een vrouw, 6 maal door een man.

Oproep:
Stuur een geluidsopname (MP3) of een filmpje van jezelf of je snurkende partner naar info@snurken.org en maak kans op een geheel gratis en speciaal op maat gemaakte snurkbeugel tegen snurken en apneu!

Kijk voor de voorwaarden op: www.snurken.org.