Schippers investeert 105 miljoen in inzage eigen patiëntendossier

Afbeeldingsresultaat voor e-healthMinister Edith Schippers (VWS) trekt de komende 3 jaar 105 miljoen euro uit zodat patiënten zelf eenvoudig en digitaal toegang krijgen tot hun gegevens bij het ziekenhuis. Dit schrijft zij vandaag aan de Tweede Kamer in de voortgangsrapportage over e-health. Het moet vanzelfsprekend zijn dat iedere patiënt over zijn eigen medische gegevens kan beschikken. Daardoor krijgt de patiënt de regie over zijn eigen gegevens en kan hij zelf kiezen met wie hij deze wil delen, bijvoorbeeld met andere zorgverleners of met een mantelzorger. Een belangrijke voorwaarde voor ziekenhuizen om in aanmerking te komen voor een bijdrage is dat zij daadwerkelijk resultaat halen: dat zij vanaf 2018 alle patiënten digitaal inzage bieden in de gegevens en dat dit per 2020 ook gestandaardiseerd gebeurt.

Veilige en gestandaardiseerde uitwisseling voor patiënten

Met het geld dat Schippers beschikbaar stelt kunnen ziekenhuizen informatie digitaal samenbrengen en veilig met de patiënt uitwisselen. Inzage in de eigen gegevens kan bijvoorbeeld van belang zijn om thuis met een familielid nog eens rustig terug te lezen wat de diagnose was en welke behandelopties er zijn. Maar het kan ook helpen om te zien welke arts nou precies welk medicijn had voorgeschreven. Het gestandaardiseerd opslaan en digitaal delen van informatie tussen het ziekenhuis en de patiënt is een belangrijke stap om de zorg klaar te maken voor de toekomst. De patiënt kan de gegevens daardoor ook echt actief gebruiken, bijvoorbeeld door bloedsuikerwaardes bij te houden in een zelfzorgapp en deze makkelijk te delen met een andere zorgverlener. Zo verbetert de behandeling, en leidt het uiteindelijk tot een vermindering van administratieve lasten voor zorgverleners.

E-health monitor

Naast de voortgangsrapportage sturen minister Schippers en staatssecretaris Van Rijn vandaag ook de jaarlijkse monitor over e-health en hun acties richting de Tweede Kamer. De monitor (www.eHealth-monitor.nl)  laat zien dat e-health zeer wisselend gebruikt wordt. Om bekendheid te vergroten en patiënten en professionals te informeren organiseert het ministerie van VWS van 21 tot 27 januari 2017 een landelijke e-healthweek. Al ruim 70 organisaties dragen bij aan deze week.

20 miljoen voor e-health initiatieven van Nederlandse bodem

Goede innovaties die al worden gebruikt, kunnen voor meer mensen behulpzaam zijn. Daarvoor wordt het Fast-Track initiatief gelanceerd. Via dit initiatief worden mkb-bedrijven ondersteund om hun innovatie breder te kunnen toepassen in de zorg. Hiervoor heeft Schippers 20 miljoen euro beschikbaar gesteld. Voor meer informatie is vanaf 7 oktober het Fast Track loket bereikbaar via de website www.zorgvoorinnoveren.nl.

Minister Schippers: ‘Meer geld voor ambulancezorg’

Spoedeisende zorg moet dag en nacht beschikbaar zijn voor patiënten.  Zo moeten ambulancediensten in de gevallen van de hoogste spoed in 95 procent van de gevallen binnen 15 minuten bij de patiënt zijn. Deze norm geldt per ambulanceregio. Uit een rapport van het RIVM blijkt dat het aantal ambulanceritten de afgelopen jaren is toegenomen. Om te zorgen dat er in de toekomst voldoende ambulances zijn die de noodzakelijke zorg kunnen bieden, stelt minister Edith Schippers (VWS) extra geld beschikbaar. Binnen het bestaande budget is de minister van plan ongeveer 15,7 miljoen euro beschikbaar te stellen voor de spreiding en beschikbaarheid van ambulances. Dat schrijft de bewindspersoon vandaag in een brief aan de Tweede Kamer.

Uit het rapport van het RIVM, dat op verzoek van de minister is opgesteld, blijkt dat tussen 2012 en 2015 de vraag naar spoedeisende ambulancezorg met ongeveer 19 procent is toegenomen, een stijging van gemiddeld 5,9% per jaar. Volgens het RIVM wordt dit deels verklaard door een groei van de bevolking en vergrijzing. Een andere oorzaak is het feit dat mensen eerder en gemakkelijker een beroep doen op de ambulancezorg.

Het geld voor de ambulancezorg is onderdeel van een bredere aanpak om de drukte in de spoedeisende zorg het hoofd te bieden. Omdat er niet één oorzaak is aan te wijzen voor de toegenomen drukte is regionaal maatwerk noodzakelijk. De Acute Zorgregio’s moeten in ieder geval aan de slag met thema’s als ervaren werkdruk en voldoende personeel. De regio’s worden daarbij ondersteund door het Praktijkteam ‘Zorg op de juiste Plek’. Ook worden werkgevers in de zorg op verschillende manieren geholpen op het gebied van opleiding en scholing van personeel. Onlangs werd al bekend dat  het budget voor de zorg en opvang voor patiënten die vanwege medische redenen tijdelijk niet thuis kunnen wonen, het zogeheten eerstelijns verblijf, wordt verhoogd.

Onderzoek Vilans bevestigt: EHealth ontlast mantelzorgers

Leefstijlmonitoring voor steeds meer ouderen bereikbaarDe eHealthoplossing Leefstijlmonitoring verbetert het leven van de mantelzorger. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van Vilans in Friesland. Leefstijlmonitoring blijkt vooral meerwaarde te hebben voor mantelzorgers: het zorgt bij de meerderheid van de mantelzorgers voor meer gerustheid en minder belasting.

Stressreductie
Om mensen langer zelfstandig thuis te laten wonen is er Leefstijlmonitoring. Dat is eenvoudige technologie die langzame veranderingen in het dagelijkse leefpatroon van alleenwonende mensen met dementie kan detecteren en terugkoppelen naar mantelzorgers en zorgprofessionals. Henk Herman Nap, eHealth expert bij Vilans: ‘familieleden zitten vaak met hele basale vragen over bijvoorbeeld hun vader in de maag. Eet hij wel goed? Gaat hij wel naar de wc? In plaats van elke dag te bellen, kan dit makkelijk gemonitord worden via eHealth. Bovendien is de informatie die je uit een telefoongesprek krijgt niet altijd betrouwbaar. Je vader is immers dement, soms weet hij niet of hij gegeten heeft. Door inzet van eHealth heb je die zekerheid wel. Je zit dan toch wat relaxter op de bank’. Dit wordt ondersteund door de onderzoeksresultaten. Mantelzorgers voelen zich dankzij Leefstijlmonitoring geruster over de situatie van de persoon met dementie.

Kosten en baten
Tijdens het onderzoek werkte Vilans ook aan een maatschappelijke businesscase voor Leefstijlmonitoring, deze bleek positief. De directe opbrengst voor de zorgorganisatie is echter gering. ‘Het lastige is dat kosten en baten op verschillende plekken liggen’, aldus Nap. Het grootste deel van de opbrengsten van Leefstijlmonitoring landen bij de zorgverzekeraars en het zorgkantoor. Zonder initiële investeringsgelden en het delen van de behaalde opbrengsten tussen zorgverzekeraar/zorgkantoor en zorgorganisatie (shared savings), is het voor een zorgorganisatie niet haalbaar om Leefstijlmonitoring aan te bieden binnen de Zorgverzekeringswet. De recent gepubliceerde ‘Handreiking contractering thuiszorgtechnologie’ beschrijft hoe je als zorgorganisatie aanspraak kunt maken op financiering van Leefstijlmonitoring binnen de Zorgverzekeringswet. Gezien de opbrengsten voor de mantelzorgers zou het te onderbouwen zijn dat een cliënt of mantelzorger ook zelf bijdraagt in de kosten.

Onderzoek
Voor de groep ouderen met dementie die afhankelijk wordt van ondersteuning van een familielid of professionele zorg wordt al een tijd gezocht naar oplossingen via technologie.  Deze eHealthoplossing is er in de vorm van Leefstijlmonitoring. Eenvoudige technologie die inzicht geeft in langzame veranderingen in het dagelijks leefpatroon van alleenwonende cliënten.

Vilans onderzocht binnen het project Leefstijlmonitoring in Friesland over een periode van driehonderd dagen de ervaringen van mantelzorgers en casemanagers dementie met Leefstijlmonitoring. Doel van het onderzoek in Friesland was inzicht krijgen in de ervaringen van mantelzorgers en casemanagers met Leefstijlmonitoring, waaronder de frequentie en manier van het gebruik en de meerwaarde. Daarnaast werd onderzocht in hoeverre de toepassing van Leefstijlmonitoring tot een reductie in de ervaren belasting leidt bij mantelzorgers van mensen met dementie. Het onderzoek bestond uit kwalitatief en kwantitatief onderzoek in de vorm van interviews en vragenlijsten.