Toekomstige verpleeghuiszorg vraagt om meer variatie en combizorg

“De” oudere bestaat niet. Er zijn grote verschillen in gezondheid, maar ook in wensen en behoeften. 95% van alle ouderen in Nederland woont zelfstandig. Oók ouderen met, soms ernstige, beperkingen. Met relatief makkelijke aanpassingen in de openbare ruimte en goede zorg en techniek in huis kunnen zij zich langer zelf redden. Daardoor ontstaat er financiële ruimte om goede verpleeghuiszorg te kunnen bieden aan de zeer kwetsbare ouderen. Geen schrale zorg voor iedereen, maar zorg op maat. Dat schrijft de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS) in de bundel “Verpleeghuiszorg 2025”, die 29 augustus is verschenen.

Mensen leven langer. De verschillen in wensen en behoeften tussen mensen onder de steeds grotere groep ouderen nemen toe. Mensen willen in toenemende mate meer keus hebben bij de inrichting van hun laatste levensfase. Dit vraagt om variatie in zorgaanbod. Lange tijd was het gebruikelijk dat mensen naar een verzorgingshuis gingen als thuis wonen problemen opleverde. Zelfstandig wonen wordt echter voor meer ouderen bereikbaar, ook als er fysieke en psychische problemen zijn. Technologische innovaties spelen daarbij een belangrijke rol.

Alternatieve woonvormen
Ook schetst de RVS toekomstige alternatieve woonvormen met een flexibel aanbod van diensten, zoals boodschappenservices, tuinonderhoud en allerlei activiteiten, die naar behoefte kunnen worden afgenomen. Daarbij past ook ondersteuning van familie, vrienden en vrijwilligers, georganiseerd in steunnetwerken en – indien nodig – met professionele ondersteuning. De RVS pleit er voor dat burgers en organisaties daadwerkelijk de ruimte nemen om deze steunnetwerken op te zetten en van daaruit nieuwe initiatieven te ontplooien. De overheid kan deze initiatieven, daar waar nodig, ondersteunen en financieringsarrangementen mogelijk maken waarbij zorg, wonen en pensioen op elkaar afgestemd kunnen worden.

Combizorg
De Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS) pleit er verder voor dat verpleegprofessionals, in samenwerking met mantelsteuners, de zorg thuis en in het verpleeghuis meer toesnijden op wat ieders mogelijkheden zijn. Het is thuis langer goed vol te houden als er professionele hulpverleners beschikbaar zijn die het kunnen overnemen als het (even) niet meer gaat. Deze combizorg vraagt om een herijking van verantwoordelijkheden en bevoegdheden van alle betrokkenen. Daar zijn geen algemeen geldende regels voor nodig – juist niet!
De RVS wil de taakverdeling steeds opnieuw laten bepalen om daarmee recht te doen aan de specifieke situatie van ouderen die meer of minder intensieve zorg nodig hebben.

Overgewicht ouders en kinderen gaat vaak samen

Overgewicht komt vaker voor bij kinderen van wie de ouders of verzorgers ook overgewicht hebben. Ook blijkt dat kinderen uit gezinnen met een laag inkomen vaker overgewicht hebben dan kinderen uit de hoogste inkomensgroep. Dit blijkt uit de Gezondheidsenquête/Leefstijlmonitor van CBS en RIVM, waarbij ouders het gewicht en de lengte van zichzelf en van hun kinderen opgeven.

In 2015 had 12 procent van de kinderen in de basisschoolleeftijd (4 tot 12 jaar) overgewicht. Een derde hiervan, 4 procent van alle 4- tot 12-jarigen, had zelfs obesitas (ernstig overgewicht). Meisjes en jongens hebben even vaak overgewicht.

Kinderen van ouders met overgewicht vaker zelf ook overgewicht
Van kinderen van wie beide ouders of verzorgers overgewicht hebben, heeft 17 procent zelf ook overgewicht. Bij kinderen van wie beide ouders geen overgewicht hebben is dit bijna 6 procent. Hebben beide ouders overgewicht, en kampt tenminste een van de ouders met obesitas, dan hebben kinderen in bijna een kwart van de gevallen overgewicht.

Kinderen uit gezinnen met lage inkomens vaker overgewicht
Kinderen die opgroeien in een gezin in de laagste inkomensgroep kampen duidelijk vaker met overgewicht dan kinderen uit gezinnen in de hoogste inkomensgroep. Het verband tussen die twee is niet verder onderzocht. In de laagste inkomensgroep heeft bijna 1op de 5 kinderen overgewicht, in de hoogste inkomensgroep iets meer dan 1 op de 20.
Obesitas komt ook aanzienlijk vaker voor onder kinderen die opgroeien in een gezin met een laag inkomen.

Niet-westerse allochtone kinderen vaker overgewicht
Kinderen met een niet-westerse achtergrond hebben vaker overgewicht dan hun autochtone leeftijdsgenoten: 22 tegenover 9 procent. Voor obesitas is dit achtereenvolgens 9 en 2 procent.

Meer kinderen met overgewicht in vier grootste gemeenten
Kinderen die wonen in een van de vier grootste gemeenten hebben vaker overgewicht dan kinderen daarbuiten. Van de Amsterdamse, Rotterdamse, Haagse en Utrechtse kinderen heeft 18 procent overgewicht. In de rest van het land ligt dit op 11 procent. Het hogere percentage kinderen met overgewicht in de grote steden hangt onder meer samen met het feit dat huishoudens met een lager inkomen en een niet-westerse achtergrond in die steden relatief veel voorkomen.

Doorbraak in malariabestrijding met geurval voor muggen

Door de inzet van een nieuw ontwikkelde muggenval met menselijke lichaamsgeur is op het Keniaanse eiland Rusinga in 1,5 jaar tijd de populatie van de belangrijkste malariamug met 70% afgenomen. Na introductie van de geurval op het eiland nam het aantal mensen met een malaria-infectie af met 30%. Het onderzoek werd vandaag gepubliceerd in The Lancet, een vooraanstaand wetenschappelijk tijdschrift. Prof. Willem Takken leidde het drie jaar durende onderzoek met wetenschappers van Wageningen University en onderzoekers van het Keniaanse ICIPE en het Swiss Tropical and Public Health Institute (Swiss TPH).

Zika en knokkelkoorts
De geurval biedt mogelijk ook een oplossing tegen knokkelkoorts en zika. De Aedes aegypti (gelekoortsmug) is overdrager van deze virussen. Deze mug wordt aangetrokken door dezelfde geurstoffen waarmee de malariamuggen worden gelokt. Ook zika en knokkelkoorts kunnen met de geurvallen dus worden bestreden.

Betere leefomstandigheden
Het succes van de nieuwe aanpak is de combinatie van de geurval met klamboes, medicijnen en een grondige sociale strategie. De geurvallen hebben elektriciteit nodig, maar op Rusinga, een eiland in het Victoriameer, is geen elektriciteitsnet aanwezig. Zonnepanelen werden op de daken van woningen geïnstalleerd. Hiermee wordt niet alleen de muggenval van stroom voorzien, ook geeft het de woningen licht en een oplaadpunt voor de mobiele telefoon. Daarnaast werd er groots ingezet op voorlichting over malaria en betrokkenheid van de bewoners van Rusinga bij het project. Door deze gecombineerde aanpak deden alle 25.000 inwoners van Rusinga mee met het onderzoek. Bij de inzet van geurvallen zijn geen insecticiden nodig om de muggenpopulatie te bestrijden, waardoor schadelijke neveneffecten van deze middelen voorkomen worden. De Wageningse anti-malaria-aanpak is daardoor goed voor het terugdringen van malaria én goed voor de leefomstandigheden van de bevolking.

Malaria belangrijke doodsoorzaak én economisch probleem
Elke minuut sterft er een kind door malaria. De ziekte kost Afrika 12 miljard dollar per jaar aan gezondheidszorg en verloren (landbouw) productiviteit. Malaria terugdringen zonder gebruik van insecticiden is van essentieel belang voor de wereldvoedselproductie. Willem Takken: “Het effect van de ziekte malaria op de landbouwproductie wordt enorm onderschat. Ziekte leidt tot verzwakking, en daarmee tot minder mogelijkheden om aan voedselproductie bij te dragen. Doordat kinderen met malaria naar een ziekenhuis moeten, kunnen hun ouders niet op het land werken en neemt de voedselproductie af. Als die ouders dan zelf ook 4 tot 5 keer per jaar malaria-infecties doormaken, zijn ze zelf ook zo’n 6 weken niet tot werken in staat. Er moeten arbeidskrachten worden ingehuurd of de oogst gaat verloren. Afrikaanse huishoudens in malariagebieden verliezen 10% van hun jaarlijkse inkomsten door malaria. Het terugdringen van malaria staat niet voor niets in de tien millenniumdoelstellingen die de VN geformuleerd heeft.”

De Wereldgezondheidsorganisatie WHO streeft naar uitroeiing van malaria in 2030. Hierbij wordt ingezet op ontwikkeling van vaccins tegen de parasiet en op bestrijding van verspreiders van de parasiet: de muggen. Met de geurval, genaamd ‘Suna val’, is een werkzame, veilige oplossing gevonden voor de bestrijding van de mug.