Eindelijk een veilige sleutelkluis om de zorg toegang te geven

Onveilige sleutelkastjes komen regelmatig in het nieuws, omdat inbrekers ze makkelijk open kunnen krijgen. En dat is groot probleem omdat steeds meer ouderen in Nederland een sleutelkluisje bij de voordeur hebben hangen, om zorgverleners en mantelzorgers toegang te geven tot hun woning. Een bekend probleem van vrijwel alle betaalbare systemen is dat inbrekers deze makkelijk open krijgen. Met cKey Pin zegt FocusCura een einde aan dit probleem te maken.

150.000 onveilige sleutelkluizen
In 2014 stelde ouderenbond KBO-PCOB al dat er in Nederland 150.000 onveilige sleutelkluizen aan de gevels hangen. En onlangs besteedde het VARA-programma Kassa nog uitgebreid aandacht aan het onderwerp.

‘Bestand tegen inbraak en vandalisme’
“Volledige inbraakwerende garantie kunnen we natuurlijk nooit geven, maar we hebben cKey Pin ontwikkeld in samenwerking met een bedrijf dat gespecialiseerd is in het maken van bankkluizen”, vertelt product manager Stijn van der Heijden van FocusCura. “Daardoor is het veel beter bestand tegen inbraak en vandalisme.”

Gecertificeerd systeem
cKey Pin draagt een Sold Secure Bronze certificering. Sold Secure is een toonaangevend Brits testinstituut dat zich toelegt op het beoordelen en classificeren van beveiligingsproducten. Daarmee voldoet het systeem aan de Europese veiligheidsvoorschriften.

Kluisje met pincode
De cKey Pin sleutelkluis wordt op de buitenmuur gemonteerd en is beveiligd met een pincode, legt Van der Heijden uit: “Je beslist zelf aan wie je de toegangscode geeft en je kunt de code ook altijd wijzigen. Zo weet je precies wie er je huis in kan. En dat is wel zo veilig”.

Meer aandacht voor voeding bij kanker

10 aanbevelingen“We zijn er niet alleen om mensen te helpen gezonde keuzes te maken in voeding en leefstijl om de kans op kanker te verkleinen, maar ook voor alle vragen hierover tijdens en na kanker.” Dat is de nieuwe koers van het Wereld Kanker Onderzoek Fonds, en tevens de boodschap van de nieuwe landelijke campagne ‘Er is zoveel te bereiken’ die maandag van start is gegaan.

Het Wereld Kanker Onderzoek Fonds is vooral bekend van de 10 aanbevelingen om de kans op kanker te verkleinen. Met de nieuwe campagne maakt het kankerfonds bekend dat het er ook is voor mensen met vragen over voeding en leefstijl tijdens en na behandeling van kanker.

Nog steeds krijgt 1 op de 3 mensen in Nederland kanker, en deze mensen hebben veel vragen over voeding en leefstijl. (Ex)patiënten, hun naasten en zorgprofessionals; mensen willen weten wat ze kunnen doen om de kans op overleving te verhogen en de kwaliteit van leven te verbeteren. Het Wereld Kanker Onderzoek Fonds ziet het als haar taak om ook hierbij te helpen.

In de nieuwe koers voor de komende jaren geeft het Wereld Kanker Onderzoek Fonds meer aandacht voor de rol van voeding en leefstijl tijdens en na kanker, in zowel onderzoek als voorlichting. Het doel is om meer kennis op te doen en te delen over wat voeding, beweging en lichaamsgewicht kunnen betekenen voor de overleving van kanker en de kwaliteit van leven tijdens en na behandeling.

Het Wereld Kanker Onderzoek Fonds werkt vanaf nu samen met experts van het Integraal Kankercentrum Nederland (IKNL), Wageningen University & Research en de Landelijke Werkgroep Diëtisten Oncologie (LWDO) aan voedingenkankerinfo.nl, het platform voor advies over voeding tijdens en na behandeling van kanker op basis van onderzoek en praktijkervaring.

Er is veel ruimte voor verbetering in de voeding en leefstijl van mensen in Nederland. Volgens onderzoek van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) eet vrijwel niemand in Nederland volgens de nieuwe Schijf van Vijf. Zo haalt maar 10 procent van de volwassenen de aanbevolen hoeveelheid van 200 gram groente en 200 gram fruit. Ongeveer de helft eet voldoende volkorenproducten. Nederlanders eten te veel verzadigd vet en zout, en te weinig vezels.

Nadia Ameyah, directeur van het Wereld Kanker Onderzoek Fonds: “Met de campagne wil het Wereld Kanker Onderzoek Fonds mensen informeren dat we er voor ze zijn. Wij helpen ze gezonde keuzes te maken in voeding en leefstijl om sterker te staan tegenover kanker. Want hiermee is er zoveel te bereiken. Wij willen dat door gezonde keuzes in voeding en leefstijl minder mensen kanker krijgen, meer mensen kanker overleven en de kwaliteit van leven tijdens en na kanker toeneemt.”

Nieuwe techniek geeft biomoleculen in weefsels kleur

​​​​​Een extra detector op een elektronenmicroscoop kan helpen om te bepalen welke moleculen er op specifieke plekken in een cel voorkomen. Dat schrijven wetenschappers van het UMCG en de TU Delft afgelopen week in het tijdschrift Scientific Reports. “Met deze detector kunnen we elk molecuul in een cel een eigen kleurtje geven,” zegt Ben Giepmans, de onderzoeksleider uit Groningen. Kleurenelektronenmicroscopie is een nieuwe toevoeging voor medisch onderzoek, dat tot interessante resultaten kan leiden.”

Elektronenmicroscopen kunnen heel ver inzoomen, en daarmee elke kleine structuur in de cel zichtbaar maken. Daardoor zijn ze veel nauwkeuriger dan lichtmicroscopen, die al veel langer gebruikt worden. “Maar een elektronenmicroscoop toont beelden altijd in grijstinten,” legt Giepmans uit. “Wij hebben nu laten zien dat het met behulp van deze detector mogelijk is om kleuren aan te brengen. Je kunt het vergelijken met Google Earth: met behulp van satellietbeelden zie je aardig hoe een stukje van de aarde eruit ziet, maar als je wegen en steden inkleurt, kun je je veel beter oriënteren. Zo kun je door het kleuren van moleculen beter laten zien naar welke biologische structuren je precies kijkt.”

Elementen i​​n beeld brengen

De onderzoekers hebben gebruik gemaakt van een detector die ontwikkeld is voor materiaalkunde. De Delftse teamleider Jacob Hoogenboom: “Wij hadden deze detector aangeschaft om heel kleine structuren voor de halfgeleider-industrie te onderzoeken. Voor andere projecten werkten we al samen met het UMCG. Daar had men gewerkt met soortgelijke technieken om biologische preparaten in te kleuren, wat echter maar twee kleuren opleverde. Zo is het idee ontstaan om dat ook met deze detector te onderzoeken.” De detector is in staat om elk bouwblokje van moleculen apart te detecteren, zoals stikstof, fosfor of zwavel, maar ook ijzer en andere metalen. Giepmans: “DNA bevat bijvoorbeeld veel fosfor. Als we de fosfor in een cel een kleurtje geven, kunnen we precies zien waar het DNA ligt.”

​​​​Toepassing

De onderzoekers pasten de techniek toe op hun eigen onderzoeksgebied: type 1 diabetes. “We hebben gekeken naar cellen van de alvleesklier van een rat die gevoelig is voor type 1 diabetes. Daarin konden we heel duidelijk de verschillende soorten cellen in de alvleesklier laten zien: insuline-producerende cellen krijgen een kleur door de zwavel, want dat zit veel in insuline, terwijl cellen die glucagon produceren een andere kleur krijgen, omdat dat hormoon weer andere elementen bevat.” Weefsel werd in kaart gebracht in Groningen, opgestuurd naar Delft en vervolgens met de nieuwe detector op bepaalde plekken verder geanalyseerd. Dat leidde tot opvallende waarnemingen. “We konden zien dat er bij deze rat stoffen zaten op plekken in de alvleesklier waar ze normaal niet zitten,” legt Giepmans uit. “Met subsidie vanuit Europa gaan we de komende tijd verder onderzoeken of dit iets te maken heeft met diabetes. Zo zie je dat de techniek in de praktijk nu al bijdraagt aan wetenschappelijke kennis”. Het UMCG heeft inmiddels ook een eigen detector voor ‘kleurenEM’ en Giepmans krijgt uit binnen- en buitenland ook al celmateriaal toegestuurd om met deze nieuwe techniek te testen.

​Een techniek voor iedereen

De onderzoekers zijn niet de eersten die elementen kleurden in een elektronenmicroscoop. “In eerder onderzoek konden ze maar twee stoffen kleuren. Wij kunnen nu heel veel verschillende elementen tegelijkertijd meten en kleuren.” Giepmans had de droom al langer. “Ik wist dat het mogelijk moest zijn, ik droomde hier al lang van. Maar het kwam pas van de grond toen we gingen samenwerken met Delft en hun detector op onze weefsels toepasten.

Een interdisciplinaire samenwerking dus, die tot concrete resultaten heeft geleid. “Wat misschien nog wel het mooiste is van deze techniek, is dat het betaalbaar is. Het is echt een nieuwe tool voor microscopie die we nu al voor veel onderzoeksgroepen toepassen.”