Bouwwerkzaamheden nieuwe ziekenhuis MST afgerond

Vandaag is het nieuwe ziekenhuis van MST opgeleverd. De aannemerscombinatie Dura Vermeer en Trebbe en de installatiecombinatie Croon, Unica en Wolter en Dros hebben de bouwwerkzaamheden afgerond en dragen nu het nieuwe gebouw officieel over aan MST. Ook ontwerper van het nieuwe ziekenhuis Harry Abels van IAA Architecten, is hierbij een belangrijke partij omdat hij gedurende de bouw volop betrokken is geweest.
Na ongeveer 3 jaar bouwen kan MST nu starten met de inrichting en het gebruiksklaar maken van het nieuwe onderkomen. Van 7 tot en met 10 januari 2016 wordt er dan verhuisd. Alle medewerkers van MST worden het aankomende half jaar voorbereid op de verandering van werkprocessen om zo de zorg (verder) te verbeteren.

Nieuwbouw MST Enschede
Vanaf juni 2012 is gebouwd aan het nieuwe ziekenhuis. De contractueel afgesproken bouwtijd was gesteld op 38 maanden, met 31 juli 2015 als opleverdatum. Op het hoogtepunt van de werkzaamheden (zo rond de periode dat de ruwbouw zijn voltooiing naderde en de afbouw begon), waren er drie- tot vierhonderd bouwers en monteurs op het terrein aanwezig. In totaal was er werk voor duizend manjaren.
Door de medewerking van al deze mensen is de bouw gereedgekomen binnen de afgesproken planning. Bovendien is de bouw gerealiseerd binnen het daarvoor afgesproken budget. Dit komt onder andere doordat de nieuwbouw is uitgewerkt in een bouwteam. MST, de architect en de aannemers-combinaties hebben de samenwerking in een vroeg stadium opgestart. Men zat al heel snel met elkaar rond de tafel, zaken werden vroegtijdig met elkaar afgestemd zodat de bouw uiteindelijk efficiënter kon worden uitgevoerd.
Enkele onderdelen zijn door MST later in opdracht gegeven. Hiertoe behoren de afbouw van het restaurant en de keuken op de begane grond en de bouw van het nieuwe Stiltecentrum. De afbouw daarvan loopt nu nog door maar is gereed voor de verhuizing.

Bouwende partijen
De bouw is in 2012 opgedragen aan de voor deze gelegenheid opgerichte combinatie van bouwkundig aannemers Dura Vermeer Hengelo en Trebbe Bouw en de combinatie van installatietechnisch aannemers Croon, Unica en Wolter en Dros. Voor de uitvoering is de aannemerscombinatie een samenwerking aangegaan met Goossen Te Pas bouw. Het bouwkundig ontwerp is van Harry Abels van IAA Architecten. Het gebouw is zo ontworpen en gebouwd, dat het door voorzieningen en uitstraling een positief effect zal hebben op het welzijn van de patiënten en bezoekers die er verblijven. Dit noemt men ‘Healing environment’. Het gebouw heeft daarbij passend lichte kleuren, met op zoveel mogelijk plekken uitzicht naar buiten en een vriendelijke uitstraling.

Het nieuwe ziekenhuis van MST
Het nieuwe ziekenhuis heeft een oppervlakte van 78.400 m2 en is gerealiseerd op een terrein van 23.000 m2 aan het Koningsplein in Enschede. Middenin het centrum en daardoor uitstekend bereikbaar met eigen of openbaar vervoer.
Het gebouw is innovatief en duurzaam geworden. De energieopwekking maakt gebruik van warmte- en koudeopslag in de bodem, naast allerlei vormen van warmteterugwinning in het gebouw zelf en in de energiecentrale. De grote atria in het gebouw geven niet alleen een ruimtelijk effect. De grote glaspuien vormen als het ware een ’tweede huid’. Ook dit draagt bij aan het duurzame karakter van het gebouw.

Betere zorg
Door de ingebruikname van het nieuwe ziekenhuis kan MST nog betere zorg bieden. Zo is de gehele derde verdieping gekenmerkt als ‘hotfloor’, een belangrijk onderdeel van het nieuwe ziekenhuis. Hier zitten alle operatiekamers en afdelingen voor intensieve verpleging. Deze afdelingen zijn voorzien van de modernste apparatuur en zijn centraal gepositioneerd in het ziekenhuis, op de derde verdieping, met de verpleegafdelingen erboven en de poliklinieken eronder.
De verpleegafdelingen zijn voorzien van eenpersoonskamers. Eénpersoonskamers bieden meer privacy en de kans op besmettingen neemt af.

Overweldigende respons zorginstellingen bij verbetering verpleeghuizen

151 voorstellen om de kwaliteit van Nederlandse verpleeghuizen te verbeteren, zijn door cliëntenraden en zorgverleners positief beoordeeld. De zorglocaties achter deze voorstellen krijgen van het ministerie van VWS de ruimte om verder te werken aan goede zorg door de ogen van de cliënt en het schrappen van administratieve rompslomp. Staatssecretaris Martin van Rijn (VWS) riep op tot het insturen van de voorstellen in het kader van zijn plan ‘Waardigheid en Trots’, om de kwaliteit van verpleeghuizen te verbeteren.

In totaal hebben de voorstellen betrekking op zo’n 670 locaties. In ‘Waardigheid en Trots’ was nog uitgegaan van 200 locaties. Van Rijn: ‘Wanneer vertegenwoordigers van cliënten en professionals mij vertellen hoe de verpleeghuiszorg beter kan, spat het enthousiasme ervan af. “Geef ons de ruimte!”, hoor ik dan. “En schrap alle formulieren die niets zeggen over wat de wensen van een cliënt zijn”. Dat is dus nu de weg die we inslaan, ik verwacht er erg veel van.’ De voortgang van de voorstellen is te volgen op www.langdurigezorg.nl.

Beoordeling plannen door cliëntenraden
De voorstellen van de instellingen zijn beoordeeld door leden van cliëntenraden, professionals in de zorg en medewerkers van de leden van de Taskforce Kwaliteit Verpleeghuiszorg. Ze zijn geselecteerd omdat ze bijdragen aan de verbetering van de kwaliteit van zorg, gezien door de ogen van de cliënt, of vanwege voorstellen voor het wegnemen van regels die niets toevoegen. Uiteindelijk hebben de 151 betrekking op ruim 670 locaties, aanzienlijk meer dan de 200 locaties die waren verwacht. Dit resultaat tekent wat Van Rijn betreft hoe groot de ambitie van de zorgsector is.

Waardigheid en trots
Van Rijn presenteerde op 11 februari jongstleden zijn plan ‘Waardigheid en trots, liefdevolle zorg voor onze ouderen’ als startpunt om de ouderenzorg in Nederland te verbeteren. Speerpunten daarbij waren kwaliteit door de ogen van de bewoner, de deur wagenwijd open voor mantelzorgers, trotse zorgverleners en ruim baan voor goede verpleeghuizen met ambitie. VWS heeft de Taskforce Kwaliteit Verpleeghuiszorg ingesteld om samen met de sector te werken aan deze visie voor de verpleeghuiszorg. Naast het ministerie bestaat deze Taskforce uit NPCF, LOC, V&VN, Verenso, ActiZ, BTN, ZN, het Zorginstituut en de IGZ.

Hervorming langdurige zorg
De hervorming van de langdurige zorg is er op gericht de kwaliteit, houdbaarheid en betrokkenheid van de bij de langdurige zorg te versterken en te verbeteren. Dat doen we door de bij de ondersteuning thuis meer rekening te houden met persoonlijke omstandigheden en versterking van de wijkverpleging. Maar ook door bij de instellingszorg meer rekening te houden met de specifieke zorgvraag per cliënt en niet alleen te ‘zorgen voor’, maar ook te ‘zorgen samen’ met familie en vrienden.

NU’91 Monitor Zomerbezetting Zorg online

Vanaf maandag 13 juli staat de jaarlijkse NU’91 online monitor zomerbezetting zorg open op www.nu91.nl voor verpleegkundigen en verzorgenden (en aanverwante beroepen). Als deze beroepsgroep problemen in verband met onderbezetting tijdens de vakantieperiode ervaren, kunnen zij dat melden. Een verhoogde werkdruk door een tekort aan personeel in de vakantieperiode gaat immers ten koste van de verpleegkundige, collega’s en patiënten en cliënten.

De vakantie is in volle gang, traditiegetrouw een periode van extra tekorten aan personeel. Vooral in ziekenhuizen en verpleeghuizen kan dat behoorlijk oplopen. Vorige monitoren leverden ons een concreet beeld van de soms schrijnende situaties waarin de zorg en haar medewerkers, patiënten en cliënten verzeild raken tijdens de zomerperiode. De rode lijn in de meldingen was dat er met nog minder personeel dezelfde zorg verleend moet worden. In het geval vakantiegangers al vervangen werden, was dat vaak door te laag geschoolden of te onervaren krachten. De druk op de vaste medewerkers nam daardoor alleen maar toe.

De jaarlijkse NU’91 monitor zomerbezetting is bedoeld als check hoe de bezetting in 2015 wordt ervaren. NU’91 inventariseert de reacties over de bezetting en gaat als daar aanleiding voor is het gesprek aan met politici en werknemers.