Beugelende tandarts heet voortaan tandarts voor orthodontie

Tandartsen die zich extra hebben verdiept in beugelbehandelingen gaan zich ‘tandarts voor orthodontie’ noemen. Er komt één heldere naam om voor patiënten helder onderscheid te maken tussen deze groep tandartsen en orthodontisten. Dat zijn de beroepsverenigingen ANT en KNMT, de Nederlandse Vereniging van Orthodontisten (NVvO) en de Orthodontische Vereniging van Algemeen Practici (OVAP) met elkaar overeengekomen.

Orthodontie wordt in Nederland beoefend door zowel tandartsen als orthodontisten. Die laatsten zijn specialisten die na hun opleiding tot tandarts een in Nederland erkende specialistenopleiding hebben gevolgd. Voor patiënten blijkt het echter regelmatig niet duidelijk of zij met een tandarts of met een specialist te maken hebben als zij een beugelbehandeling ondergaan.

Dat is ongewenst, vinden zowel de tandartsen als de orthodontisten. Zij hebben nu afspraken gemaakt om duidelijkheid te geven aan de patiënt over de status van de behandelaar en elke verwarring over titelgebruik te voorkomen. Tandartsen die beugelbehandelingen uitvoeren gaan zich daarom voortaan als ‘tandarts voor orthodontie’ aanduiden. Titels als orthodontoloog, beugelspecialist, orthodontisch specialist, tandarts-orthodontist gaan daarmee tot het verleden behoren.

De beroepsgroep heeft afgesproken de titulatuur in alle communicatieuitingen door te voeren. Ook praktijknamen mogen geen verwarring oproepen: het moet duidelijk zijn of het een tandartsen- of orthodontistenpraktijk is. Wel is afgesproken dat bestaande praktijknamen, voor zover dat eigennamen zijn, niet hoeven worden aangepast.

Wat behandelingen betreft zit het verschil tussen tandartsen voor orthodontie  en orthodontisten erin dat de laatste groep ook de meer ingrijpende behandelingen voor haar rekening neemt.

De intercollegiale afspraken worden de komende periode geïmplementeerd binnen de beroepsgroep. Daarnaast worden de afspraken gedeeld met de Inspectie voor de Gezondheidszorg, de Nederlandse Zorgautoriteit, Patiëntenfederatie Nederland en de Consumentenbond.

KNCV Tuberculosefonds rent voor pijnloze tbc-diagnose bij kinderen

Tienduizend euro voor tbc-onderzoek in Ethiopië hoopt wetenschapper Petra de Haas op te halen met een sponsorloop tijdens de komende City-Pier-City Loop op 12 maart in Den Haag. Twintig medewerkers van het Nederlandse KNCV Tuberculosefonds rennen mee om geld in te zamelen. KNCV Tuberculosefonds wil het geld gebruiken om een effectieve, maar onderbelichte test op tuberculose (tbc) onder de aandacht te brengen. Dat zou een grote verbetering betekenen in de diagnose van deze eeuwenoude ziekte, waar nog altijd jaarlijks naar schatting meer dan 200.000 kinderen aan overlijden.

Een pijnloze diagnose voor kinderen
Met wat opgehoest slijm is tuberculose eenvoudig en betrouwbaar vast te stellen. Maar voor jonge kinderen is het moeilijk dat slijm op commando op te hoesten, zegt Petra de Haas. “De mogelijkheden die artsen hebben om het slijm bij kleine kinderen op te vangen, zijn ingrijpend. Bijvoorbeeld door vloeistof in de longen te sprayen waardoor de kinderen heel hard gaan hoesten, of met een slangetje wat onderzoeksmateriaal uit de maag of neusholte te halen. Dit is voor kinderen en hun ouders vaak heel traumatisch.” Volgens De Haas schrikt dit ouders en kinderen af en zijn artsen terughoudend met deze kindonvriendelijke methodes. Het gevolg is dat tuberculose bij jonge kinderen meestal wordt vastgesteld op basis van klachten en ziekteverschijnselen. Zo kan het gebeuren dat deze dodelijke ziekte niet of pas laat wordt vastgesteld.

Alternatief
Er bestaat een alternatief, namelijk een eenvoudige tbc-test op een klein beetje ontlasting. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat de test werkt. “Maar helaas is er nog niet zoveel aandacht voor deze methode”, zegt De Haas. “Laboratoria zijn wel gewend om met ontlasting te werken maar nog niet voor het opsporen van tuberculose.”

Met een onderzoeksproject in Ethiopië wil KNCV Tuberculosefonds een eenvoudige en effectieve methode ontwikkelen voor de afhandeling van ontlastingmonsters. Vanaf het moment dat verzorgers het monster verzamelen en inleveren bij de hulppost, tot het eenvoudig testen in het laboratorium. “De tbc-test (Xpert MTB/RIF) die op dit moment door artsen word gebruikt in ontwikkelingslanden is gericht op opgehoest slijm”, legt de onderzoeker uit. “We willen dit geld gebruiken om aan te tonen dat deze tbc-test op ontlasting ook door de lokale laboratoria kan worden gedaan en vergelijkbare resultaten geeft.”

Impact
De Haas heeft voor Ethiopië gekozen, omdat er daar jaarlijks naar schatting 18.000 kinderen tuberculose krijgen. Veel van deze kinderen sterven aan de infectieziekte, omdat de diagnose niet tijdig gesteld wordt. De Ethiopische regering probeert hier met een speciaal actieplan verbetering in te brengen. “Als we met dit project kunnen laten zien dat tuberculose bij kinderen via de ontlasting eenvoudiger is op te sporen, heeft dat een enorme positieve impact op de tbc-zorg. Dan kunnen artsen veel meer kinderen met tuberculose opsporen, juist behandelen en genezen. Niet alleen in Ethiopië, maar wereldwijd.”

Vijf zorgverzekeraars vergoeden ‘e-cardioloog’ HartWacht

Goed nieuws voor duizenden Nederlandse hartpatiënten. In navolging van Zilveren Kruis gaan ook zorgverzekeraars VGZ, DSW, ONVZ en De Friesland de eHealth-toepassing HartWacht in 2017 vergoeden. Dit maakt Cardiologie Centra Nederland (CCN), drijvende kracht achter HartWacht, vandaag bekend.

Met HartWacht worden hartpatiënten doorlopend op afstand gemonitord. Met de speciale cVitals app, ontwikkeld door partner FocusCura, meten patiënten thuis zelf vitale waarden. De metingen worden automatisch doorgestuurd naar CCN en worden bovendien meteen aan het online medisch dossier van de patiënt toegevoegd. Artsen en verpleegkundigen kunnen afwijkende waarden snel signaleren en de patiënt (en de huisarts) adviseren. Patiënten hoeven niet meer (of minder vaak) voor controles of metingen naar het ziekenhuis te komen.

Snel opschalen dankzij vergoeding door zorgverzekeraars
De contracten met de vier nieuwe verzekeraars zorgen voor een forse opschaling, vertelt operationeel directeur Cecile Goldman van CCN: “We sluiten dagelijks patiënten aan op HartWacht, maar tot nu toe was dat alleen mogelijk voor verzekerden van Zilveren Kruis. Door de nieuwe contracten kunnen we HartWacht vanaf vandaag aanbieden aan duizenden patiënten.”
Volgens Goldman kunnen dat er nog veel meer worden als ook Menzis en CZ besluiten om HartWacht te vergoeden. Met die twee verzekeraars zijn nog gesprekken gaande.

CCN: ‘zorgverzekeraars steken hun nek uit’
Met het vergoeden van HartWacht laten de betreffende zorgverzekeraars zien dat zij niet alleen reguliere zorg inkopen, maar dat ze ook willen investeren in vernieuwing. Daarmee steken ze echt hun nek uit, benadrukt Goldman: “We zitten met HartWacht nog in de eerste fase, waarin het toetsen van de verwachtingen omtrent telemonitoring een belangrijk onderdeel vormt. Ook wat dat betreft is de steun van de zorgverzekeraars goed nieuws. Want hoe meer patiënten wij aansluiten, hoe sneller we effecten op grotere schaal kunnen aantonen.”

ONVZ: ‘enthousiast over de kansen van eHealth’
Bestuursvoorzitter Jean-Paul van Haarlem van ONVZ Zorgverzekeraar is enthousiast over de kansen die HartWacht kan bieden voor hun verzekerden: “Dit is een innovatie waarbij de zorg meer wordt afgestemd op de persoonlijke situatie van de patiënt. HartWacht heeft niet alleen een positief effect op de kwaliteit en doelmatigheid van de zorg, het is vooral een verbetering voor de patiënt. Doordat belangrijke zaken nu op afstand in de gaten kunnen worden gehouden, hoeven patiënten veel minder vaak heen en weer naar het ziekenhuis. Dat is een belangrijke stap voor hartpatiënten die bij ONVZ zijn verzekerd.

Zilveren Kruis: ‘een goede zaak’
“Wij zijn zeer tevreden met het feit dat we samen met CCN en FocusCura een doorbraak hebben weten te bewerkstelligen die chronische hartzorg dicht bij onze verzekerden mogelijk maakt. Dat deze zorg ook voor verzekerden van andere verzekeraars ter beschikking komt is een goede zaak,” zegt Erik-Jan Wilhelm, directeur Strategie en Innovatie van Zilveren Kruis.

Patiëntenfederatie Nederland: ‘positieve ontwikkeling’
Patiëntenfederatie Nederland noemt het een positieve ontwikkeling dat steeds meer verzekeraars eHealth-toepassingen zoals HartWacht omarmen. “Wij zijn verheugd dat de andere verzekeraars het voorbeeld van Zilveren Kruis volgen”, aldus directeur Dianda Veldman. “Ik hoop dat er nog veel meer van dit soort initiatieven komen, zodat alle patiënten in Nederland deze moderne vormen van zorg kunnen gebruiken.”

Samenwerking met ziekenhuizen en huisartsen
Op dit moment kunnen patiënten voor HartWacht nog alleen terecht bij CCN, maar als het aan Cecile Goldman ligt komt daar snel verandering in: “Op dit moment voeren we gesprekken met verschillende ziekenhuizen en huisartsen om HartWacht ook buiten onze eigen locaties aan te bieden. Wij monitoren de patiënten dan namens de behandelend arts. Schaalbaarheid is een belangrijke succesfactor voor zorg op afstand en op die manier hoeft niet elk ziekenhuis het wiel opnieuw uit te vinden.”