André Kuipers opent futuristisch OK-centrum van UMC Utrecht

Met 23 operatiekamers en bijna 10.000m2 oppervlakte zijn de OK’s een nieuwe ster aan firmament van het UMC Utrecht. Vrijdag 20 januari werd het moderne complex geopend door ruimtevaarder André Kuipers. De ruimtes zijn anders ingedeeld dan André Kuipers waarschijnlijk aan boord van ruimtestation ISS gewend is, maar de overeenkomst is de aanwezigheid van de laatste techniek. De OK’s ademen de 21ste eeuw en zijn uitgerust met  de nieuwste apparatuur en luchtbehandeling om de meest complexe zorg te verlenen.

Het nieuwe operatiecomplex heeft 23 operatiekamers, waarvan twee hybride. In deze OK’s is ook röntgen-apparatuur aanwezig waardoor chirurgen als het ware een route-navigator hebben tijdens het opereren. Bij complexe behandelingen is dit een welkome ondersteuning.

De vernieuwing was nodig omdat er steeds meer apparatuur tijdens een operatie beschikbaar moet zijn. De nieuwe OK’s zijn in oppervlakte groter en voorzien van de nieuwste apparatuur en luchtbehandeling. Ze zijn voorzien van een speciaal communicatiesysteem, waarmee een arts tijdens een operatie kan overleggen met een collega buiten de OK, op deze manier kan cruciale informatie op een snelle manier worden gedeeld wat een ingreep bespoedigd. Iedere OK heeft nu een meekijkruimte met beeld- en spraakverbinding, zodat de ingreep van dichtbij gevolgd kan worden zonder dat belangstellenden of mensen die in opleiding zijn in de operatiekamer zelf aanwezig hoeven te zijn. Dit reduceert het aantal deurbewegingen en maakt de OK minder infectiegevoelig.

Daarnaast staan de voorraden van materialen en instrumenten, die voorheen op verschillende plekken opgeslagen werden, nu op één centrale plek. Het beheer van deze voorraden met behulp van  barcodescanners zorgt ervoor dat goederen automatisch worden besteld en traceerbaar zijn. Daarnaast gaan deze goederen via een andere ingang de OK in dan de patiënten en medewerkers.

Tien jaar voorbereiding
Een nieuw OK-centrum bouw je niet zomaar. “Daar gaat heel veel voorbereiding aan vooraf”, vertelt Joly Kenbeek, programmamanager OK-centrum van het UMC Utrecht. “Tien jaar voor de feitelijke start, zijn de voorbereidingen begonnen. Daar zijn alle disciplines die binnen het OK-centrum werken bij betrokken. Op een operatiekamer komen heel veel processen bij elkaar en die moeten allemaal naadloos op elkaar aansluiten. Op het moment dat er ergens iets verandert, werkt dat als omvallende dominosteentjes op veel processen binnen het ziekenhuis door.”

Dummy OK
Van de belangrijkste inrichtingsobjecten zijn eerst schaalmodellen gemaakt, waarmee opstellingen van alle specialismen werden gesimuleerd. Ongeveer 120 verschillende opstellingen zijn gefotografeerd en uitgewerkt in tekeningen, zodat de architect en engineers konden zien hoe apparatuur gepositioneerd moest worden. “Er werd ook een ‘dummy OK’ gerealiseerd waar met echte operatieteams tussen deuren van plakband, kale operatietafels en beweegbare armen voor apparatuur op ware grootte, nauwkeurig werd gekeken naar de werkprocessen. Pas daarna begon het echte bouwen”, aldus Kenbeek.

Arts assistent MST verbetert Amerikaans onderzoek

Profielfoto van Marjolein HeuvelmansMarjolein Heuvelmans, assistent in opleiding tot longarts in MST, krijgt morgen tijdens het Nationale Longkanker Symposium in Amsterdam de prestigieuze Vera Bonta prijs overhandigd. Hiermee publiceert ze het beste proefschrift op het gebied van longkanker in de Benelux in de afgelopen twee jaar.

In Nederland sterven jaarlijks zo’n 10.000 mensen aan de gevolgen van longkanker. Dit aantal kan naar beneden als de ziekte in een zo vroeg mogelijk stadium wordt vastgesteld. In Amerika hanteren ze hiervoor preventieve screening bij zware rokers. Een methodiek die in Nederland nog niet toegepast wordt, maar die mogelijk zou kunnen leiden tot een afname van longkankersterfte van 20 procent.

De nadelige bijvangst van de Amerikaanse methode is dat er relatief veel (27%) vals alarm is. Niet alle vlekjes op een longfoto zijn foute boel, maar worden wel zo geïnterpreteerd. Deze foutmarge zorgt voor onnodige kosten, maar vooral ook voor onnodige onrust.

In het promotie-onderzoek beschrijft Marjolein Heuvelmans criteria om beter vast te kunnen stellen welke vlekjes duiden op beginnende longkanker en welke niet. Hiermee wordt de foutmarge van de Amerikaanse screeningsmethode met een factor tien kleiner. Lagere kosten, minder onrust. Zo komt de preventieve screening op longkanker in Nederland wellicht weer een stapje dichterbij.

Project laat zien: ook mensen met dementie kunnen iets aanleren

 Lerend vermogen bij dementieBij mensen met dementie zijn ondanks de ziekte vaak nog mogelijkheden om te leren. In samenwerking met DAZ en het lectoraat Psychogeriatrie van de Haagse Hogeschool heeft Alzheimer Nederland het project ‘Lerend Vermogen’ uitgevoerd. Er zijn tien voorbeelden gefilmd waarbij het lerend vermogen van mensen met dementie in de praktijk zichtbaar wordt. In deze filmpjes worden mensen met dementie geportretteerd die iets hebben aan- of afgeleerd, dankzij goede begeleiding van mantelzorgers en/of zorgverleners.

Alzheimer Nederland zet zich in voor bevordering van de levenskwaliteit van mensen met dementie en hun naasten. Het optimaal benutten van het geheugen en lerend vermogen biedt uitzicht om langer zelfstandig te functioneren. Dit kan een positieve bijdrage leveren aan het zelfbeeld en het onafhankelijkheidsgevoel vergroten, en daarmee de kwaliteit van leven verbeteren. “Leren is niet iets waar je snel aan denkt bij mensen met dementie, omdat juist het geheugen vaak ernstig is aangetast bij dementie”, aldus adjunct-directeur Marco Blom, “toch toont onderzoek aan dat deze mensen, zeker in het beginstadium van de ziekte, vaak nog goed in staat zijn te leren. Het gaat erom de aanwezige competenties goed aan te spreken. ”

Kennis over lerend vermogen is beperkt
Zorgverleners en familieleden zijn onvoldoende bekend met dit fenomeen. Zij nemen vaak, goedbedoeld, teveel uit handen en leren daarmee onbewust afhankelijkheid aan. Waardoor patiënten bijvoorbeeld na het handen wassen niet meer zelf hun handen afdrogen, maar hun handen uitsteken voor hulp hierbij. Het overgrote deel (70%) van de zorg voor mensen met dementie wordt gedaan door familieleden. Maar ook onder professionele zorgverleners is de kennis over en ervaring met lerend vermogen bij dementie nog beperkt. Het project ‘Lerend vermogen bij dementie’ werkt actief aan bewustwording en enthousiasme van mensen met dementie, de naaste omgeving en het onderwijs en verzorgend personeel

Motiveren om te leren
Toepassing van het lerend vermogen van mensen met dementie valt of staat met de aanpak van de familie en /of begeleiders. Belangrijke randvoorwaarden zijn wel o.a. dat het leren in een goede sfeer gebeurt, zonder dwang, dat er rekening wordt gehouden met beperkingen en dat er niet wordt gecorrigeerd. Meer weten? Kijk op www.alzheimer-nederland.nl/dementie en http://www.opnieuwgeleerdoudgedaan.nl/c/toolkit

Het project Lerend Vermogen bij dementie is mogelijk gemaakt door het Innovatiefonds Zorgverzekeraars en wordt uitgevoerd door Alzheimer Nederland i.s.m. de Haagse Hogelschool en DAZ (Dirkse Anders Zorgen).