Na hartstilstand: Snel een infuus vitamine C?

Afbeeldingsresultaat voor vitamine c\Van de patiënten die een hartstilstand overleven, overlijdt de helft later alsnog in het ziekenhuis. In Nederland zijn dat er elke week wel 12. Onderzoekers van de Intensive Care Volwassenen van VUmc vinden dat veel te veel. Zij willen daarom zeer snel na een hartstilstand een hoge dosis vitamine C rechtstreeks in de bloedbaan toedienen. Ze denken dat de sterfte, orgaanschade en behandelduur hiermee fors zou kunnen verminderen. ZonMW ondersteunt het onderzoek met een subsidie van 358.000 euro.

Tijdens een hartstilstand gaat er geen zuurstof naar de hersenen en de overige organen. Dat veroorzaakt schade. Door een geslaagde reanimatie komt de bloedsomloop weer op gang. Dat is gunstig, maar zorgt tegelijkertijd ook voor de vorming van zogenaamde zuurstofradicalen. Die zorgen voor extra schade.

Vitamine C vermindert de productie van zuurstofradicalen en kan zo de schade tegen gaan. “Deze zogenaamde antioxidante werking beperkt de schade'” vertelt prof. dr. Heleen Oudemans, bedenker van het project. “Als vitamine C in een hoge dosis en direct  via het infuus wordt gegeven kunnen de antioxidante effecten enorm zijn”.

De gunstige effecten van zo’n behandeling zijn in proefdierexperimenten aangetoond, maar nog niet onderzocht bij mensen. Maar een recente VUmc studie toonde dat drie dagen na een reanimatie bijna 60% van de patiënten te lage vitamine C spiegels had. De afweer tegen schade door zuurstofradicalen is hierdoor fors verminderd. Deze patiënten hadden dan ook veel meer orgaanschade en een slechtere overleving.

“De optimale dosis vitamine C voor het verkrijgen van het beste klinische resultaat is nog niet onderzocht,” vertellen onderzoeksleiders dr. Angelique Spoelstra-De Man en dr. Paul Elbers. Daarom worden in dit onderzoek twee verschillende doseringen vergeleken. “We kijken naar de schade aan het hart, naar de nierfunctie, naar spierzwakte en naar overleving. Maar natuurlijk ook hoe de patiënt na de hartstilstand functioneert”. Het onderzoek wordt uitgevoerd in samenwerking met 6 andere ziekenhuizen.

Vitamine C is goedkoop en in elk ziekenhuis beschikbaar. Eerder onderzoek heeft aangetoond dat een hoge dosis vitamine C veilig is en geen risico vormt voor de patiënt. Dat maakt vitamine C een aantrekkelijk middel om de prognose van de patiënten na reanimatie kunnen verbeteren.

Supermarktketen Dirk zet zich landelijk in tegen spierziekten

Tot en met 7 oktober kunnen alle klanten van de supermarktketen Dirk van den Broek hun statiegeldbon doneren aan het Prinses Beatrix Spierfonds. Vandaag geeft Rianne Heijnen, ambassadeur van het fonds, samen met supermarktmanager Max Belt in de Dirk supermarkt in Ter Aar het startsein voor de actie. De supermarktketen wil met dit initiatief aandacht vragen voor spierziekten en bijdragen aan wetenschappelijk onderzoek.

Rianne Heijnen is 49 jaar en heeft de spierziekte dunnevezelneuropathie, een spierziekte waarbij patiënten last hebben van extreme pijn en gevoelsstoornissen. Naar schatting zijn er minimaal 9.000 mensen in Nederland met dunnevezelneuropathie. Er is nog geen behandeling voor deze spierziekte, daarvoor is wetenschappelijk onderzoek hard nodig. Onderzoek kost veel geld. Met de opbrengst van de statiegeldactie kan het Prinses Beatrix Spierfonds meer onderzoek doen naar spierziekten.

Rianne vertelt: “Rond mijn 25ste kreeg ik steeds meer klachten. Hartritmestoornissen, darmproblemen, wisselende bloeddruk, ontstoken gewrichten. En als iemand me op mijn schouder tikte, vloog ik hem bijna aan van de pijn. Na de diagnose in maart 2016 heb ik pijnrevalidatie gedaan, maar spierkracht op proberen te bouwen werkte averechts. Het motto werd dus: ‘binnen je grenzen bewegen’. Ik schrok ontzettend van hoe weinig ik nog kan.”

Spierziekten
Er zijn 600 verschillende spierziekten. Sommige zijn dodelijk, sommige zijn erfelijk, maar ze hebben allemaal een verlammend effect op de spieren. Er zitten zo’n 600 spieren in een mensenlichaam en die sturen alles aan; lopen, plassen, fronsen, lachen, ademen. Een ziekte die spieren aantast, tast het hele lichaam en daarmee ook het hele leven van een persoon aan.

Voedingssupplementen: onbetrouwbare inhoud en soms gevaarlijk

Een pilletje om de weerstand te verhogen, een capsule om te helpen met afvallen of een poeder om extra lang te kunnen sporten. Voedingssupplementen beloven veel, maar kunnen ongewenste gezondheidseffecten teweegbrengen. Dit staat vermeld in het jaaroverzicht 2016 van het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum (NVIC), onderdeel van het UMC Utrecht.

Voedingssupplementen kunnen veel verschillende ingrediënten bevatten, van aminozuren en eiwitten, tot kruiden en paddenstoelextracten. In 2016 ontving het NVIC 740 meldingen over voedingssupplementen (exclusief vitamine- en mineralenpreparaten). Deze gingen vaak over jonge kinderen die per ongeluk een voedingssupplement hadden ingenomen, maar ook over het ontstaan van gezondheidsklachten na bewust gebruik, of misbruik, van voedingssupplementen. De meeste meldingen gingen over rustgevende supplementen (489 meldingen).

Onjuist etiket
Uit onderzoek is gebleken dat de informatie op het etiket van voedingssupplementen niet altijd klopt met wat er daadwerkelijk in het supplement zit. De vermelde hoeveelheden wijken af, of er zitten stoffen in het supplement die niet op het etiket genoemd worden. Soms worden zelfs geneesmiddelen of verboden stoffen in voedingssupplementen aangetroffen. Omdat het vooraf niet zeker is wat er precies in een voedingssupplement zit, zijn de risico’s van het gebruik onvoorspelbaar.

Bij meldingen over gezondheidsklachten kan het NVIC voedingssupplementen laten analyseren. Hiervoor werkt het NVIC samen met het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Als uit analyse blijkt dat het supplement geneesmiddelen of verboden stoffen bevat, wordt dit gemeld aan de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit (NVWA). De NVWA kan ingrijpen als er signalen zijn dat het product niet veilig is, of als wet- en regelgeving wordt overtreden. In het kader van dit project zijn in 2016 in totaal acht supplementen geanalyseerd. Twee keer werden verboden ingrediënten aangetroffen, waaronder in een afslankmiddel met de naam Irem Naturel. De NVWA heeft in 2016 een publiekswaarschuwing afgegeven voor het gebruik van onder andere Irem Naturel.

Pre-workout poeders
Het meest risicovol zijn stimulerende sport- en afslankmiddelen. Hierin worden vaak illegale stoffen aangetroffen die serieuze gezondheidsklachten kunnen geven. In 2016 ontving het NVIC opvallend veel meldingen over zogenoemde ‘pre-workout’ poeders. Deze dienen ingenomen te worden voorafgaand aan het sporten. Gegevens van het NVIC, de NVWA en eerdere publicaties tonen aan dat deze producten regelmatig verboden stoffen bevatten die bij een intensieve training een hoog risico op gezondheidsproblemen geven. Dit kan in sommige gevallen leiden tot levensbedreigende situaties.

Olie van de hennepplant
In 2016 ontving het NVIC 64 meldingen over personen die olie van de hennepplant (Cannabis sativa) hadden ingenomen (vijf kinderen en 59 personen ouder dan 13 jaar). Veel van deze patiënten ontwikkelden gezondheidsklachten, zoals misselijkheid, slaperigheid, duizeligheid, verwardheid en versnelde hartslag. Ook hallucinaties traden bij verschillende patiënten op. Er bestaan verschillende soorten olie van de hennepplant. Sommige oliën bevatten psychoactieve stoffen (bv. tetrahydrocannabinol (THC)), anderen bevatten niet-psychoactieve stoffen (bv. cannabidiol (CBD)). Daarnaast bestaat ook synthetische CBD-olie. Hennepolie en CBD-olie bevatten in principe geen THC en mogen onder specifieke voorwaarden verhandeld worden als voedingssupplement op basis van de Warenwet. THC-olie, cannabisolie en wietolie bevatten meestal wel THC, en vallen onder de Opiumwet. De namen van de verschillende oliën worden soms echter door elkaar gebruikt, waardoor vaak niet duidelijk is wat de samenstelling van de olie is. De gegevens van het NVIC wijzen er op dat ook olie die verkocht wordt als CBD-olie soms psychoactieve stoffen bevat.

“Wees je ervan bewust dat het etiket van voedingssupplementen niet altijd klopt. Er kunnen andere stoffen in zitten dan op het etiket vermeld staan. Als je klachten ervaart bij gebruik van een supplement, twijfel dan niet, ga naar je huisarts en neem het supplement mee. Je huisarts kan vervolgens contact opnemen met het NVIC voor overleg”, aldus Irma de Vries, internist-toxicoloog verbonden aan het NVIC.

NVIC 24/7 bereikbaar voor hulpverleners
Het NVIC, opgericht in 1960 en sinds 2011 onderdeel van het UMC Utrecht, is de nationale vraagbaak voor huisartsen, medisch specialisten en andere hulpverleners bij acute vergiftigingen. Het NVIC geeft 24/7 informatie over de effecten en behandeling van vergiftigingen bij mensen en dieren. In Nederland bestaat geen meldingsplicht voor acute vergiftigingen en alleen vergiftigingen waarbij artsen en andere hulpverleners advies nodig hebben, worden bij het NVIC gemeld. In 2016 werd het NVIC 45.978 keer telefonisch geraadpleegd over in totaal 35.109 mensen en 6.170 dieren die waren blootgesteld aan giftige stoffen. Daarnaast is 74.918 keer gebruik gemaakt van de website www.vergiftigingen.info, waar hulpverleners zelf de toxicologische informatie van het NVIC kunnen raadplegen. De meeste informatieverzoeken aan het NVIC betreffen geneesmiddelen (zoals slaapmiddelen en pijnstillers) en huishoudmiddelen (zoals chloorbevattende middelen en vaatwasmiddelen). Door het grote aantal informatieverzoeken per jaar, heeft het NVIC goed inzicht in trends in het aantal vergiftigingen in Nederland.