Toename van aantal letselschadeclaims na medische fouten

De Nederlandse Rechtsbijstand Groep (NRBG) presenteert op haar website kerninformatie over letselschadeclaims in 2014. De online cijfers hebben betrekking op het aantal gevallen van letselschade en de verdeling naar oorzaak en plaats. Opvallend is de relatief snelle stijging van het percentage letselschadeclaims als gevolg van medische fouten.

De NRBG vertegenwoordigt advocaten, juristen en registerexperts in Nederland die betrokken zijn bij letselschadeclaims. Op basis van eigen onderzoek en onderzoek door derden presenteert de NRBG een aantal belangrijke cijfers. In 2014 hadden meer dan 6,9 miljoen Nederlanders schade door letsel. Dat komt neer op ongeveer één ongeval met letsel per huishouden.

Claims na letselschade
Een groot deel (circa 80 procent) van deze ongevallen leidt niet tot een claim. Ze vinden plaats in een privéomgeving waarbij geen tegenpartij aansprakelijk kan worden gesteld. De NRBG heeft de andere 20 procent van de letselgevallen onderzocht. Representatief hiervoor zijn de 6.234 claims die in 2012, 2013 en 2014 werden behandeld door de bij de NRBG aangesloten professionals.

Sterke stijger: claims na medische fouten
De samenstelling van de top-3 van oorzaken is ongewijzigd. Het verkeer is met 42 procent nog steeds goed voor het leeuwendeel van de letselschadeclaims, gevolgd door ongevallen in de werkomgeving en medische fouten, beide goed voor 20 procent. Volgens de NRBG is er een duidelijke trend zichtbaar. Het percentage claims als gevolg van verkeersongevallen daalt elk jaar substantieel. Ook in de werkomgeving lijkt het beter te gaan en is een dalende trend zichtbaar. Het aantal claims als gevolg van medische fouten stijgt echter opvallend snel: van 1 procent in 2012 en 13 procent in 2013 tot 20 procent in 2014.

Grootste plaatsen, meeste letselschadeclaims
De NRBG projecteert de cijfers op een kaart van Nederland. Er is een duidelijke link tussen het aantal inwoners en het aantal letselgevallen. Wel ontbreken Breda en Nijmegen – beide top-10 plaatsen van Nederland – in de top-10 van het aantal letselschadeclaims. De inwoners van deze steden lijken er dus relatief goed vanaf te komen. Zoetermeer scoort daarentegen relatief hoog.

Oproep aan LHV te stoppen met politieke dubbelrol in 1elijns zorgdebat

dokterVandaag hebben tientallen huisartsen zich in een gezamenlijke protestactie ‘Het roer moet om’ met het ‘Manifest van de bezorgde huisarts’, gericht tot de politiek en zorgverzekeraars.

Hun actie is gericht tegen de ontsporing van het zorgstelsel in de eerstelijn. Het gevolg van het marktwerkingsmodel binnen een voor huisartsen ‘absurde’ mededingingswet. Huisartsen moeten daarbij concurreren in plaats van samenwerken, zorg voor patiënten heet ‘schadelast’ en het vertrouwen in de deskundigheid van de huisarts is ingeruild voor de laagste productprijs van zorginkopers.

In het manifest wordt door de huisartsen drie eisen gesteld aan de politiek en de zorgverzekeraars.
1. Haal de huisarts uit de greep van de mededingingswet en herstel ‘samenhang door samenwerking’ als leidend principe in de eerstelijns zorg
2. Samenwerken en onderhandelen alleen op gelijkwaardige basis, landelijk en regionaal. Dus geen schijnonderhandelingen meer met de zorgverzekeraar
3. Toon vertrouwen in de deskundigheid van de beroepsgroep. Stop dan ook de grenzeloze verzameldrift van nutteloze data.

VPHuisartsen ondersteunt de huisartsen volledig in hun moedige verzet tegen de bureaucratische en schadelijke marktwerking in de eerstelijnszorg. Het hoopt en verwacht dat de grotere vertegenwoordiger van de beroepsgroep, de Landelijke Huisartsen Verenging, waar ruim driekwart van de praktijkhouders in ons land bij is aangesloten (circa 6.138 van de 7.900), zich zal losmaken van haar eerdere rol tegenover het ministerie van VWS: volgzaam de verantwoordelijkheid dragend voor beleid en zorgakkoorden waarover de LHV geen formele zeggenschap heeft en waarover haar leden in het geheel niets te vertellen hebben. Ze dienen het alleen uit te voeren.

Zolang de landelijke en regionale vertegenwoordigers van de beroepsgroep (LHV, VPHuisartsen ea) geen wettelijk garantie hebben op een gelijkwaardige onderhandelingspositie tegenover zorgverzekeraars en andere relevante partijen, zou het aansluiten bij overleg waar wel de aansprakelijkheid en verantwoordelijkheid maar niet de zeggenschap is gegarandeerd, moeten stoppen.

VPHuisartsen roept de LHV dan ook op om gezamenlijk, naast de verbale steun voor het moedige pleidooi van de huisartsen, een duidelijke en transparante positie in te nemen tegenover de minister en verzekeraars: die van belangenbehartiger namens de huisartsen.

Meer inzicht in leerproblemen bij kinderen met epilepsie

De Harry Meinardi proefschriftprijs 2015 gaat dit jaar ex aequo naar dr. Hilde Braakman en dr. Maarten Vaessen. De intensieve samenwerking tussen deze twee promovendi zorgde volgens de jury die de proefschriften heeft beoordeeld voor een ‘gouden combinatie’ en heeft belangrijke inzichten opgeleverd over het ontstaan van cognitieve stoornissen bij kinderen met epilepsie. De prijs wordt beschikbaar gesteld door het Epilepsiefonds en is uitgereikt tijdens een symposium voor epilepsieprofessionals op 11 maart.

Neuroloog Braakman deed met behulp van geavanceerde MRI-technieken onderzoek naar kinderen met epileptische aanvallen die ontstaan in de voorste hersenkwab (temporaalkwab). Deze kinderen hebben vaak leerstoornissen, zoals problemen met rekenen, met het geheugen en aandacht. Hierdoor kunnen ze niet goed meekomen op school. Fysicus Vaessen heeft vanuit een technische invalshoek de MRI-beelden van de hersenen van zowel volwassenen als kinderen met epilepsie bestudeerd, waarmee intelligentienetwerken in de hersenen zijn blootgelegd. Braakman en Vaessen deden hun promotieonderzoek in het Academisch Centrum voor Epileptologie Kempenhaeghe/Maastricht UMC+.

De Harry Meinardi proefschriftprijs wordt eens in de twee jaar uitgereikt voor het meest baanbrekende of veelbelovende proefschrift over epilepsie. Aan deze prijs is een oorkonde en een geldbedrag van Euro 2.500,- verbonden. Prof. dr. Fernando Lopes da Silva is lid van de commissie die alle ingezonden proefschriften heeft beoordeeld. Lopes da Silva licht de keuze voor Braakman en Vaessen toe: “Beide promotieonderzoeken kunnen leiden tot belangrijke klinische toepassingen. Deze onderzoeken hebben al gezorgd voor de ontwikkeling van nieuwe methoden die cognitieve problemen van patiënten sneller in kaart brengt. Dit is zeer waardevol, want een vroege en adequate behandeling kan leiden tot een betere cognitieve uitkomst op de lange termijn.”